Mantra’s en vuur in de tempel
Normaal houd ik mij verre van religieuze activiteiten, maar omdat Boeddhisme (samen met het Shintoïsme) in Japan meer een cultuur-ding is dan een religieus-ding, wilde ik dat ook een keer van dichtbij meemaken. En daar is uiteraard geen betere manier voor, dan om een keer een nacht in een tempel te overnachten, in het hart van het Shingon Boeddhisme: Koya-san, oftewel berg Koya.
Onbeperkt bier en onbeperkt eten
Maar, voor het zover was, had ik vrijdag eerst nog een feestje van mijn werk: twee collega’s worden overgeplaatst naar Tokio en we hadden bezoek uit de VS voor een paar dagen; reden genoeg. Het blijft relaxed om gewoon grote schalen met eten op tafel te krijgen en te kunnen kiezen wat je lekker vind… veel beter dan je eigen bordje opeten :). Daarnaast, even prutsen met de dingen die je nog zelf klaar moet maken geeft ook een extra dimensie! Alleen het blijft typisch en vreemd Japans: als de 3 uur over zijn (die bij het onbeperkt eten en drinken horen) gaat iedereen direct naar huis, ondanks dat het prima gezellig was…
Alles lekker buiten
Enfin, zaterdagochtend vroegjes op om met de boemel naar het zuiden te vertrekken. Drie uur treinen later, na een prachtige rit door de bergen met veel mooie uitzichten, kwam ik aan op Koya-san. Het dorp op de 1 kilometer hoge berg bestaat uit honderd tempels en vele andere Boeddhistische gebouwen, waaronder een tempel met duizenden lantaars, die volgens legenden al eeuwen branden en een begraafplaats (van as dan, Boeddhisten cremeren) van meer dan een half miljoen mensen. Indrukwekkend! Daarnaast was het ook onbewolkt en zo’n 10-15 graden, heerlijk!
Leuk optrekje
’s Avonds sliep ik in één van de tempels, en ondanks dat, deed het toch wat toeristisch aan: het was meer eigenlijk een traditioneel Japans hotel, gelegen naast een tempel. Maar: dat mocht de pret niet bederven: een mooie kamer (met tatami-matten) en een uitzicht op een Japanse tuin is niet heel vervelend. De kou wel. Alles is eigenlijk buiten, met een dak boven je hoofd. Dat geeft wel een bijzonder gevoel - je voelt je meer verbonden met de natuur buiten, maar stiekem is het wel fijn dat we tegenwoordig betere isolatiematerialen dan papieren deuren hebben.
Kamer
De maaltijden waren vegetarisch naar Boeddhistische traditie (dus ook geen knoflook, uiten, etc.). Dan krijg je natuurlijk al snel het idee dat het smakeloos is. En dat is gedeeltelijk ook zo; maar na vijf maanden begin je wel iets van die traditioneel Japanse keuken te waarderen. Alleen tofu (en andere bonen-afgeleiden) krijg ik echt niet weg…
Avondmaaltijd
Het meest indrukwekkend waren uiteraard de boeddhistische ceremonies. Om half zeven ’s ochtends ging de wekker, waarna we met een groepje naar de tempel toegingen. Daar - in de vrieskoud - waren monniken mantra’s aan het zingen, en tegelijk allerlei fysieke uitspattingen aan het doen. Bijzonder tafereel, en erg indrukwekkend: zeker gezien de setting in een donkere, maar prachtige tempel. Natuurlijk geen foto’s; erg jammer. Aansluitend was er een vuurceremonie in een andere tempel; hier stak de oppermonnik een flink vuur (persoonlijk zou ik dat wat minder fanatiek hebben gedaan in de kleine, houten tempel ;)), en onder begeleiding van de grote trommel werden er weer allemaal rituelen uitgevoerd. Prachtig gezicht!
Meer gebouwtjes
Zo, en dan nog maar drie weken te gaan! Inmiddels begin ik wel echt af te tellen: ik ben de (naar Nederlandse standaarden) ongezellige en kille sfeer op de werkvloer toch echt een beetje zat aan het worden. Misschien ook uit frustratie omdat sommige dingen naar mijn idee veel beter of anders georganiseerd kunnen worden; maar daar kan je gewoon niets mee. Illustratief is dan ook weer dat al mijn collega’s voor het eind van het jaar (werkjaar eindigt in Japan op 31 maart) al hun vrije dagen vakbondswege op moeten maken. Opzich prima geregeld, alleen verandert er qua hoeveelheid werk niets, met als gevolg dat de dagen die ze niet vrij zijn iedereen die dat mag aan het overwerken is. Hoe zinloos dan, die vrije dagen… :)
No comments yet. Be the first.
Leave a reply