Van hier tot Tokio
Afgelopen weekend was een lang weekend (dank zij een nationale feestdag - al het kantoopersoneel is dan vrij) - een mooie gelegenheid om samen met studiegenoot Jeroen (die in Akita stage loopt) Tokio onveilig te maken! Of, was het al onveilig, zoals zijn collega’s verkondigden: “je kan daar niet eens je tas onbeheerd achter laten!”. Genoeg ingrediënten voor een topweekend, resulterend in een verhaal met foto’s en zelfs een filmpje (onderaan dit artikel)!
Na een comfortabele (en dure) reis met de Shinkansen (had ik al gezegd dat we dat in Europa ook moeten hebben?), bleek dat onze goedkope hotelkamer niet zonder reden goedkoop was. Een semi-double room is in Japan gelijk aan een bezemkast, met een bed erin. Enfin, een paar biertjes verzachten het bijbehorende leed - daarvoor liepen we naar de wijk Roppongi. Onder Japanners staat deze wijk bekend als de ‘buitenlanderwijk’, omdat hier altijd alle toeristen en buitenlanders heengaan om te stappen. Voordeel is dat er nog steeds heel veel Japanners zijn, dat ze hier kroegen hebben (waar je komt om een biertje te drinken, en niet om ook te eten, zoals ‘uitgaan’ in Japan gaat) en deze ook opeens Engels kunnen spreken. Nadeel is dat het niet meer als Japan aanvoelt - en dat is flink wennen.
Roppongi crossing: het beginpunt van elke stapavond in Roppongi
Moet je je even proberen voor te stellen: een Japanse propper. Dat komt grof vertaald op het volgende neer: <buiging> “sorry, ik weet een leuke kroeg … ow, je bent niet geïnteresseerd … sorry dan ik je gestoord heb, sorry!” <buiging>. Enig praktijkonderzoek heeft blijkbaar uitgewezen dat deze aanpak niet bijzonder goed werkt bij westerlingen; en in het kader van verhoogde efficiëntie is dan ook besloten om hier Grote Dikke Negers voor in te zetten, die letterlijk en figuurlijk nogal vasthoudend zijn, en constant moeten vragen “men - where are you going - do you want to see some tittees?”. Met de nodige guerilla technieken werd het mogelijk om deze gasten te ontwijken - en even later vonden wij een kroeg voor een welverdiend biertje.
Vrouw X wilde met ons op de foto
Uiteraard weer aan de corona’s (zijn ze helemaal gek van hier), en gelukkig waren we ook in Ropongi nog een beetje een bezienswaardigheid. Zoals eerder gezegd werd er hier veel beter Engels gespreken, en bleef het niet alleen bij het aanhoren van ‘kakoi’ (~ leuke jongen), maar kon er ook daadwerkelijk een gesprek gevoerd worden! Deze schokkende ontwikkeling moest uiteraard gevierd worden, en het bleef nog lang onrustig…
Japanse versie van de STORES - en dan nog tientallen van dit soort winkeltjes in een pand
De volgende dag moesten we als echte EL’ers natuurlijk naar Akihabara - window shopping langs alle grote elektronica winkels, en de kleine. Blijft overweldigend: al die winkels, al die mensen, al die producten! Toch valt het me tegen hoe bijzonder de meeste producten zijn. Naast het feit dat de grootste winkels nog vele malen groter zijn dan de MediaMarkt, en daadwerkelijk alles hebben, is het assortiment niet heel veel anders dan in Europa. Misschien wat meer toepassing van felle kleurtjes (Sony heeft hier roze tv’s, roze mobieltjes, roze mp3-spelers, etc.) - maar dat is het dan. Of ben ik al zo gewend inmiddels?
Fanatieke agent in de sneeuwstorm
Na een wandeling door Shibuya, een degelijke bodem van Chinees gelegd te hebben werden we flink overvallen door een pittige sneeuwbui. Gelukkig kan je overal in Japan voor zo’n EUR 2,- een paraplu kopen - de echte Japannert kan niet zonder, en konden we zonder verdere schade weer een biertje gaan drinken. Was de eerste avond bijzonder - de tweede werd nog veel leuker: waar wordt in de kroeg je jas aangenomen, opgehangen en krijg je een tafeltje toegewezen? Of waar zit je in de kroeg en komen er opeens twee sumoworstelaars binnenlopen? Of waar kan je een Japanse een cursus ‘Grolsch beugel openen’ geven?
“Wat is dit dan nou weer?” (Oja, zij is geen vijftien - ook al lijkt dat zo. Japanse vrouwen lijken nou eenmaal een beetje erg jong). Zie het filmpje voor het examen van de cursus!
Jaja, een echte sumoworstelaar (inclusief knotje)!
Zondag stond een bezoekje aan Jojogi-park in Harajuku op het programma - om daar de bijzonder uitgedoste jongeren te aanschouwen. Dit fenomeen staat wereldwijd bekend als cosplay, en vond zijn oorsprong in Japan. Jongeren verkleden zich (vaak als manga-karakter, van de strips) om zo even aan hun saaie, stadse, schoolleven te ontsnappen en zich te laten bewonderen door anderen. Het idee is dan ook dat je ze zoveel mogelijk op de foto zet. Wat voor gekte de meest populairen kunnen veroorzaken, kan je zien in het filmpje.
De dag werd afgesloten met een bezoek aan het waterfront Tokyo; waar ze zowaar een eigen vrijheidsbeeld hebben (weliswaar op schaal, maar toch een exacte kopie van de versie in New York) en mooie gebouwen en bruggen: bijna Japan onwaardig!
Maandagochtend gingen we vroeg uit de veren om de vismarkt te aanschouwen. Echter, toen wij daar aankwamen bleek dat deze ook gesloten was op de nationale feestdag. Verdorie, sta je daar met je goede gedrag en brakke hoofd om acht uur ’s ochtends. En met de garantie dat de sushi ’s avonds niet vers is… Enfin, de nodige hoeveelheid koffie bracht ons weer op de been. Na een bezoekje aan het park van de keizer, en meer koffie, gingen we nog even terug naar het park van gisteren: het was nog steeds lekker weer. Op elk hoekje stond een bandje te spelen, er waren Taiko-drummers, we kwamen een Japanner tegen die fanatiek op zijn doedelzak aan het spelen was, even verderop was er een trancefeestje aan de gang en overal kon je uiteraard eten halen. Onder een zonnetje en zo’n 15 graden was het aangenaam toeven! Uiteraard in het filmpje een impressie…
Totaal uitputtend zo’n weekend; maar het blijft genieten! Tokio is een geweldige stad, waar je je maanden kan vermaken door alleen maar over straat te lopen en te kijken naar wat je tegenkomt.. geweldig! Het is dat het zo duur is, anders ging ik graag nog een keertje terug… Kijk het filmpje ook nog even; de foto’s zeggen niet alles (ondanks de brakke kwaliteit, geen editing en het ontbreken danwel gaar zijn van commentaar)…
Nog zeven weken te gaan - maar met dit soort weekendjes blijft het genieten, hier in Japan!
3 commentsBoer zoekt land
Afgelopen weekend zou ik verblijd worden met bezoek uit Nederland. Roland en Epco deden onderweg naar Nieuw-Zeeland Osaka aan; een mooie gelegenheid voor een korte tour en wat biertjes, ware het niet dat de KLM besloot dat de vlucht niet doorging, en ze pas zondagavond (in plaats van ochtend) arriveerden in Osaka. In combinatie met mijn burgerbestaan was het niet meer mogelijk te meeten, helaasch!
Gelukkig had ik ook al afgesproken om koffie te gaan drinken met een Australische kerel die ik een paar weken terug in de Starbucks had ontmoet. Hij runt hier met een aantal anderen een Christelijke kerk in Osaka - is weer eens wat anders dan Engelse les geven (wat de meeste buitenlanders in Japan doen). Nu leek me die kerk in eerste instantie een mission:impossible, in de zin dat Japanners geloof anders zien dan in de rest van de wereld: ze hebben er sowieso twee (over paar weekjes meer uitleg), en het is eerder onderdeel van de cultuur, dan een echt geloof. Weinig zieltjes te winnen dus. Het bleek echter dat hij ook aan een ander soort Christendom doet dan in Europa: veel vrijer en met de nadruk op goed zijn voor anderen en verantwoordelijk handelen; totaal anders dan de vaak bekrompen visie van de kerk in Nederland (voorbeelden genoeg tegenwoordig met de CU en het CDA in het kabinet) - en ook de rest van Europa. Er was dus prima mee te praten - en ook gezellig; dus we gaan nog wel een keer afspreken.
Verder was het plan om nog een keer wat plaatjes te schieten van de omgeving (ook op veler verzoek), dus zaterdagmiddag heb ik de fiets gepakt, en een flink rondje hier in de buurt gefietst. Om de titel te verklaren: de semi-overbevolking van Japan heeft er toegeleid dat de hoeveelheid benodigde infrastructuur, woonruimte en rijst enorm is. Rijst, omdat Japanners weigeren geïmporteerde rijst te eten. Afgelopen weken zijn er wat Japanners overleden, omdat ze vergiftigd Chinees eten hadden gegeten: grote rel hier, maar dat terzijde. Daarnaast gaat de verdeling voor gelden voor infrastructuur op basis van oppervlakte van prefecturen (provincies) en niet op basis van inwoneraantal. Dit leidt er toe dat zelfs de meest afgelegen gebieden en prachtige infrastructuur hebben (in de zin van bereikbaarheid) - maar ook dat elk riviertje verbetonniseerd is, en dat bergwanden gestut zijn met - je raad het al - beton.
Dit alles leidt er toe dat alle land in Japan dat geen berg of zee is, is verdeeld tussen beton, rijstvelden en tempels. En wat verdwaalde bomen. Grappige effecten zijn dan dat je bv. in Osaka midden tussen de betonnen hoogbouw een honderden jaren oud tempeltje ziet staan. Of dat er midden in een stad opeens een rijstveld ligt. Any case; het gebrek aan ruimte is enorm: gelukkig (of om andere redenen weer niet) is de bevolking langzaam aan het afnemen, en misschien blijft de natuur die er nu nog wel is bestaan…
Een aantal plaatjes, met commentaar…
Moestuintje en rijst aan de rand van het dorp hier
Nieuwe snelweg - vanaf de berg zie je die hier overal bovenuit steken, sinds hij volkomen op palen gebouwd is, ook door het ‘platteland’.
Verbetonniseerd riviertje
Nieuwbouwwijk. Je kan hier je stukje land kopen en daar een Ikea huis in elkaar laten puzzelen. De speeltuin is al af :).
De ultieme boemeltrein die hier het platteland doorkruist. Gebouwd - volgens mij - in de jaren 70, maar still going strong. Ik heb deze unit nog nooit op een kapot lampje, bordje, deur of wat dan ook kunnen betrappen. Daarnaast glimt hij altijd. Typisch staaltje Japanse betrouwbaarheid.
Zelfs de mannetjes op de mededelingborden buigen (is een animatie… )
Aan de doorgaande weg zie je veel van dit soort ’strips’ met Love Hotels en Pachinko (Japans flipperen; enorm populair). Het eerste hotel hier heet ‘Bora Bora’; mijn inbeeldingsvermogen bij het uiterlijk en deze naam zegt dat je dan sex moet hebben in een Afghaanse grot… De andere hotels hebben weer totaal andere thema’s, zoals Mexico, woestijn, etc. Check ook de typische Japanse auto: wit (hebben ze echt een voorliefde voor) en vierkant (net als de rest van veel design dingen hier; lekker lelijk).
Pimp-my-vrachtwagen. Dit is één ding; ik heb veel extremere exemplaren gezien… De vuilniswagen op het werk hier is het hoogtepunt, maar kan daar helaas geen foto’s van maken.
Zoals het vooroordeel zegt, zijn de Japanners gek van knalkleuren. Dit Love Hotel bevestigd dat maar weer even… Ook op stations zijn dingen gerust in het paars, roze of knalgroen geverfd…
Meer plaatjes in het fotoalbum!
Komend weekend ga ik samen met Jeroen de Vries naar Tokio: de stad verder verkennen, biertjes drinken en stappen in de foute-alleen-buitenlanders-komen-hier stapwijk Roppongi. Maar eerst nog drie daagjes code debuggen… Vooruitgang is er zeker, de code werkt bijna volledig in simulatie… nu nog in hardware!
3 commentsJapans en Engels voor beginners
In mijn berichtjes altijd veel geklaag over de beperkte Engelse capaciteiten van de Japanners; dus tijd om dat eens even toe te lichten met wat voorbeelden. Overigens ben ik van mening dat zij net zoveel reden tot klagen hebben over mijn slechte Japans, maar daar is helaas weinig aan te veranderen (of ik moet hier nog twee jaar blijven, wat ik toch niet van plan ben).
De grappen die opgaan in Nederland over Chinezen (’Nummel 65′), gelden ook voor Japanners, maar om dat uit te kunnen leggen eerst wat meer over de basis van de klanken. Het Japans is opgebouwd uit iets meer dan honderd klanken (ka-ki-ku-ke-ko, sa-shi-su-se-so, etc.). Bijna alle klanken uit het Nederlands zijn ‘na te bouwen’ met Japanse klanken, en ondanks dat het dan wat gammel klinkt, is het verstaanbaar. Neem als voorbeeld de Chinees op de hoek, daar geldt hetzelfde voor. Het enige probleem is dat de ‘la-li-lu-le-lo’-serie niet bestaat. Omdat de ‘ra-ri-ru-re-ro’-serie toch al niet zo rollend wordt uitgesproken, worden die klanken gebruikt voor de klanken met een ‘l’ erin. Hetgeen uiteraard de nodige verwarring in het Engels gaat opleveren…

Hiqh quarity world car sales: newcar & usedcar
Mooi jewery! (fout meerdere keren gezien, in diverse variaties)
De klanken terzijde, zijn er nog veel meer dingen waardoor Engels zo moeilijk is voor Japanners (en Japans voor westerlingen). Het Japans kent namelijk geen meervouden in werkwoordsvormen, en qua vervoegingen van werkwoorden is er alleen bevestigend/ontkennend en verleden tijd/tegenwoordige tijd. Dus ‘pas perfect tense’ is dan niet echt een logisch verhaal… Dit soort dingen is dan nog wel overkomelijk met veel stampen, en dat gebeurt ook wel op scholen; alleen is het leren van Engels is slechts gericht op luisteren, schrijven en lezen. Dit in combinatie met het feit dat de Japanner in het dagelijks leven gewoon weinig Engels zal spreken - zorgt ervoor dat de baas van mijn afdeling prima in het Engels kan mailen, papers kan schrijven, etc. - maar mij amper kan vragen wat ik het afgelopen weekend gedaan hebt (daarover later meer ;)).
Een ander probleem is dat er totaal geen overlap is tussen de Japanse woorden en elke andere westerse taal. Als je Nederlands kan, beschik je automatisch over de helft van de Franse, Duitse, Engelse, … woordenschat. Of je kan dingen eenvoudig afleiden (blijf dan altijd weer denken hoe mijn Duitse leraar op de middelbare school - die met die bril met elastiekjes - het woord Zug bleef uitleggen, insidersgrap). Voor mij is er ook nog het nadeel dat een Japans woord gemiddeld veel langer is dan een westers woord, en geschreven is in Kanji, maar dat ter zijde.
Politie doos
Kijk uit voor stelers! (mm, kan enigzins in het Nederlands, in het Engels echt niet)
Stof zit er ongetwijfeld in, maar trash can was een betere vertaling geweest...
De derde categorie hilarisch Engels ontstaat omdat Engels cool is. In Japan is alles wat westers is gaaf, veel modellen in reclame’s zien er zo westers mogelijk uit, elk dorp heeft een Luis Vuitton en Prada winkel (zelfs een paar van mijn collega’s lopen met Prada tasjes, haha, enorme vrouwen) en in grote steden zijn er meer Starbucksen en McDonald’s dan Sushi-restaurants. Resultaat is dat veel bedrijven natuurlijk een Engelse naam willen, of tenminste een Engelstalige slogan. In combinatie met gebrekkig Engels levert dat mooie resultaten op.
‘Dramatic Communication’, voor al uw betrouwbare communicatieoplossingen!
Diegene die dit in drie woorden begrijpelijk kan maken, krijgt een taart!
Uhm? Tja? En?
De mooiste dingen blijven natuurlijk de babelfish vertalingen. Topuitvinding! De volgende tekst uit het bad van vanmiddag (tattoos zijn verboden in alle Japanse baden, de Japanse maffia heeft deze altijd, en elke mogelijke affiniteit met de maffia wordt vermeden) - niet in een paleis dus:
In de gym waar ik altijd ga klimmen hangt ook nog een mooi bordje “No nakedness climbing”. Je mag daar niet met ontbloot bovenlijf klimmen… Toppertje is de aanprijzing van het Capsule Hotel in Nanba (waar ik laatst overnacht heb):
Everyone who wants to work and play fully comes here.
Working hard and enjoying your leisure time as much as you want,
and yet you will not feel tired the next morning. This is a hotel for such energetic businessmen.
Spelfoutje…
Deze week weer druk aan het nerden geweest, weinig updates daarin die niet onder de disclaimer vallen :). Vandaag een bezoekje gebracht aan de Osaka Spa World: een Japans badenparadijs, verdeeld over meerdere verdiepingen - gescheiden man en vrouw (baden gebeurt naakt, behalve in het ‘normale’ bad) - en op de bovenste verdieping een ‘normaal’ zwembad, met ultrahippe glijbanen (een beetje als in Duinrell). Deze maand mochten de mannen in het Europese gedeelte (en de vrouwen in het Aziatische). De verschillen zijn minimaal, en alleen in de aankleding. De aankleding in het mannengedeelte zou niet misstaan in de oude Griekse en Romeinse baden - veel marmeren (of plastic) standbeelden, mooie visjes, etc. Qua baden was er variatie in de temperatuur, de diepte, de aankleding en de kruiden (je voelt je net een theezakje na een kwartiertje Rozemarijn). En de Finse sauna was er ook! Zelfs met TV, je zal je toch maar vervelen…
Elke verdieping had ook weer meerdere restaurantjes en cafétjes (met een warm voetenbad onder je tafeltje). Mooi blijft ook dat je in principe niets mee hoeft te nemen: handdoeken, shampoo, zwembroek, badjas, gel, borstels, etc.: alles is beschikbaar. Ook een wonderlijke ervaring bij zo’n zwembad met meerdere verdiepingen is om een keer naakt in een lift te staan - alles kan in Japan.
Enfin, ben weer totaal ontspannen, en weer klaar voor een weekje nerden!
11 commentsCaipirinha en capsule hotel
In de categorie ‘verbazingwekkende feiten’: de grootste kolonie van Japanners in het buitenland bevind zich in Brazilië. Brazilië? Ja! Vraag me niet waarom, als er twee culturen totaal verschillend zijn, dan zijn het wel de Japanse en de Braziliaanse naar mijn idee… Zal wel iets te maken hebben met geen aardbevingen, mooi weer, en de vrouwen - althans dat suggereerde één van mijn collega’s - die in Brazilië is geboren, en dan ook vloeiend Portugees spreekt. Daarnaast staat Braziliaans eten bekend om de kwantiteit en kwaliteit aan vlees, en het Japanse eten juist om het gebrek eraan. Genoeg redenen om een keer een Braziliaans restaurant op te gaan zoeken (Olaf, aan jou om te vertellen hoe authentiek Braziliaans dit is ;)…).
The place to be was in Kobe, slechts twee uur reizen hier vandaan, maar je moet er wat voor over hebben, tenslotte… Het reizen per trein is hier geen straf, meer onderdeel van de gezelligheid! De groep bestond uit wat collega’s, de afdeling Frankrijk en nog iemand die Engels wilde leren, en enthousiast zijn best deed met zijn vertaalcomputer, maar er amper twee woorden uitkreeg… Ik wil dan graag mijn best doen om te helpen en een gesprek te voeren, maar als je een kwartier bezig bent om één zin uit te leggen vergaat je dat ook wel na verloop van tijd. Jammer dat de basis van de Japanners gewoon zo slecht is…
Vleesch aan de spies boven het vuur (?)
Het eten bestond uit een onbeperkt groentebuffet, en onbeperkt vlees. Onbeperkt impliceert in Japan dat het bedienend personeel hun uiterste best doet om je zo vol mogelijk het pand te doen verlaten, hetgeen hier ook het geval was. Elke vijf minuten kwam er weer een mannetje met een spies vlees en een soort van zwaard langs om je te voorzien van een heerlijk brok vlees, top! Nadat we een flinke selectie uit het dierenrijk soldaat hadden gemaakt (nu at ik eindelijk een keer de Japanners eruit; die zijn duidelijk niet gewend aan dit soort eten) en de nodige Caipirinha’s hadden gedronken, was het de beurt aan de collega - afkomstig uit Kobe - om een rondleiding te geven door de stad.
Kobe is in 1995 getroffen door één van de grootste aardbevingen uit de Japanse historie (Great Hanshin earthquake), misschien dat sommigen zich nog de krantenfoto’s van de ingestorte snelweg kunnen herinneren? Een stuk van het zwaar getroffen havengebied is na de aardbeving intact gelaten, zodat samen met een aantal foto’s nu nog steeds duidelijk te zien is wat voor schade er aangericht kan worden door natuurgeweld. En ik moet zeggen: dat is toch wel indrukwekkend: weggezakte gebouwen, ingestorte bruggen en beton wat als papier gescheurd is. Ook indrukwekkend is het feit dat de Japanners binnen twee jaar na de aardbeving de volledige haven weer hersteld hadden; en dat de stad nu als één van de weinige hier een aantrekkelijk en mooi stadscentrum heeft; een unicum voor dit land!
Schade aangericht door de aardbeving - met op de achtergrond de twee-verdiepings-snelweg
Vorige week was ik met de Fransman en een vriend, vriendin van hem wezen stappen in Osaka - Japanse stijl dan. Dit houdt zoiets in als biertjes drinken, maar tegelijkertijd ook eten. Het eten was ook wel grappig: iedereen besteld zelf wat hij of zij wil - maar het is typisch Japans dat je dan van elkaars bord eet wat je wil, en niet alleen je eigen bord leeg eet. Ik wist dit nog niet, wat resulteerde in een ‘oeps’ momentje - en wat gelach van de Japanners… Ach, weer wat geleerd!
Clubs zijn hier ook wel - maar vrij aan de prijs, en naar mijn idee wat zeldzamer dan in Nederland. Dit heeft er ook mee te maken dat veel mensen met vrienden gaan eten, biertjes drinken en dan met de laatste trein weer naar huis toe gaan; rond twaalf uur liep onze kroeg (English pub- zodat ik ook met andere mensen zou kunnen praten haha) dan ook leeg, en om twee uur was het sluitingstijd - op een zaterdagavond.
v.l.n.r: …fuji-san, vrouw x en Arnaud, de Fransman (die Japanse namen onthouden blijft een drama)
Mooi stukje Japanse cultuur kwam boven toen de Japanner een beetje wilde peilen wat westerlingen mooi vinden aan vrouwen, dus hij vroeg mijn mening over de drie Britse vrouwen die naast ons zaten. Nu voldeden zij aan het stereotype Britse vrouw, enough said, dus ik vertelde eerlijk dat ik ze alledrie nou niet echt aantrekkelijk vond. Nou, dat vond hij toch wel hoogst onbeleefd… er moest er toch wel één zijn die het leukste was, en de rest was gewoon een beetje minder leuk… :)
Capsules, twee hoog gestapeld
Omdat de eerste of laatste trein optie minder relaxed was bevonden de vorige keer, gingen we overnachten in een capsule hotel, voor slechts EUR 15,- - inclusief bad. Vet relaxed! Ondanks dat de bedden minimaal zijn, is het concept heersend! Je checkt in, krijgt de sleutel van een kluisje, daar laat je je kleding achter en doe je je pyjiama aan (vond het onbeleefd om deze achterover te drukken, nu spijt van, is namelijk best gaaf ding). Dan ga je eerst in bad (natuurlijk), en kan je nog even tv-kijken, biertjes drinken of in de massagestoel. Tenslotte klim je de capsule in, schermpje omlaag en slapen maar… Capsules zijn uitgerust met TV (inclusief pornokanalen - hilarisch is dat de programma’s overal uitgebreid hangen, zodat je nooit je favoriete film mist… hoogst twijfelachtig), radio en wekker. Just enough, en perfect voor na een avondje stappen.
C-184, mijn ‘kamer’
En dan dit weekend officiëel op de helft van mijn verblijf hier; nog ongeveer tien weken te gaan! Met mijn stageopdracht vlot het ook prima. Alle onderdelen van ons prototype zijn nu zo goed als klaar, dus komende week ga ik alles samenvoegen, in de FPGA’s laden, aanzetten, en kijken wat er gebeurt… Spannend! (Subtiel is mij meegedeeld dat mijn baas tegen zijn baas heeft verteld dat het eind Januari zou werken, dus er ligt een lichte druk op mijn schouders… haha)
Tenslotte: Vanuit Japan irriteer ik mij mateloos aan de hele discussie over de OV-chipkaart in Nederland. Ja, natuurlijk is die kaart te kraken na x-jaar als je te weinig encryptie gebruikt… Is dat weer een totaal gebrek aan technische kennis van de overheid, of een falen van het bedrijf die het systeem ontworpen heeft - de goedkoopste optie is zeker niet de beste voor dit soort systeem? In Japan bestaat een systeem zoals dat in Nederland geïmplementeerd gaat worden al jaren, en het is daadwerkelijk fantastisch! Nooit meer kaartjes kopen, bij het instappen van de bus, trein, metro of tram zwaai je je portemonnee langs het poortje (grappig detail: het poortje gaat pas dicht als er wat fout gaat, terwijl deze in Nederland open gaat als het goed gaat), en als je het OV verlaat doe je hetzelfde. That’s it. Bedragen worden automatisch afgeschreven, en je kan kiezen voor een prepaid anonieme kaart of een kaart gekoppeld aan je bankrekening. Daarnaast kan je er in en om stations ook veel mee betalen in winkeltjes en drankautomaten - een soort van chipknip, maar dan draadloos. Als je het gemak en de eenvoud van dit systeem hier zit, is het bijna onbegrijpelijk dat iemand in de Tweede Kamer zegt dat de strippenkaart “ook voldoet”; diegene heeft vast nog nooit geprobeerd om het systeem aan een toerist uit te leggen, laat staan zelf een reis te maken op een traject dat je niet kent…
Een paar weken terug was hier ook in het nieuws dat de Japanse overheid heeft besloten om een Maglev-verbinding te gaan bouwen tussen Osaka en Tokyo omdat de huidige Shinkansen qua snelheid (>300 km/h) en capaciteit aan zijn limiet zit (en dat met treinen waar honderden mensen tegelijk in gaan en die elke drie minuten vertrekken). Ook wordt de reistijd tussen beide steden teruggebracht tot anderhalf uur (bijna halvering van wat het nu is). De technologie is nu klaar voor productie en in 2025 moeten de eerste treinen met 500 kilometer per uur gaan rijden, het totale project kost 44 miljard dollar (~ 30 miljard euro), maar laat wel een stukje ambitie van de overheid hier zien :). En het is naar mijn idee één van de beste manieren om daadwerkelijk het vliegverkeer te verminderen, in plaats van het heffen van allerlei loze belastingen… Feit is dat de Japanners als ze mogen kiezen de voorkeur geven aan de trein boven de auto - voor lange en korte afstanden (m.u.v. het platteland dan), iets wat in Nederland op de lange termijn ook de bedoeling is; maar dan moet de betrouwbaarheid en frequentie toch eerst op het systeem van hier komen (ik heb hier nog nooit vertraging gehad, en nog nooit langer dan 10 minuten op een trein gewacht, gemiddeld elke 5 minuten gaat er een trein). Blijven dromen dat de NS dit ook ooit kan ;)…
6 commentsGetrouwd met je werk
Één van de vele vooroordelen over Japan is dat Japanners werken om te leven en leven om te werken. In deze post ga ik mijn uiterste best doen dit vooroordeel te bevestigen, maar ook een poging wagen om de schaarse voordelen van dit systeem te laten zien…
In feite kan de gehele arbeidscultuur worden samengevat in twee zinnen:
- De baas zorgt goed voor jou
- Jij zorgt goed voor de baas
De volgorde in deze doet er niet toe, echter evenwicht en het in stand houden van deze echter wel. Hoe werkt dat in de praktijk?
Japanse ’salaryman’ (en een paar ’salarywoman’) in de metro van Tokio
Jij zorgt goed voor de baas
Goed zorgen voor de baas betekent natuurlijk hard werken en respect voor de baas. Niet alleen houd dit in dat je altijd op tijd komt, in werkkleding verschijnt (trainingsjasjes voor de mannen, schorten voor de vrouwen - zie hieronder), en hard werkt, maar ook dat je elke dag een verslag van je werkzaamheden schrijft, elke dag de uren opschrijft die je gewerkt hebt, luistert naar de openings- en sluitingsspeeches van de dag - en vooral alles via de regels uitvoeren. Van dat laatste is het mooie voorbeeld dat je met korting Shinkansen tickets kan kopen - maar dat is alleen voor vaste werknemers. Omdat ze niet op naam staan, had in de rest van de wereld iemand anders voor mij tickets kunnen kopen - zonder schaamte - maar hier wordt dan niet eens overwogen - ik durfde er dan ook niet om te vragen: het mag niet, dus dan kan het gewoon niet: regels zijn regels.
De schorten voor de vrouwen zijn niet zo discriminerend als ik eerst dacht. Waar er in Europa een discussie gaande is over straling van GSM’s, is hier zo’n zelfde discussie gaande omtrent de straling van de CRT (oude, grote) monitoren. Om de vruchtbaarheid van vrouwen niet in gevaar te laten komen, hebben al die vrouwen die met een dergelijke monitor werken een schort met metaal er in (voor de niet-nerds: houdt elektromagnetische straling tegen). Gewoon een voorzorgsmaatregelen, desondanks vind ik het met mij westerse, vrije ogen nog steeds erg ouderwets en eigenlijk discriminerend uitziet. De Japanners vinden dit niet vreemd, ‘het is al jaren zo, dus wat kan er fout aan zijn, het hoort gewoon’.
De hele club op het nieuwjaarsdiner afgelopen week
Overwerken wordt altijd geassocieerd met Japan, en ook dat klopt. Ondanks dat de situatie beter is dan vroeger (in veel bedrijven, of in ieder geval bij Sharp) krijg je betaald voor je overwerk, en op sommige dagen is overwerk verboden (dat wordt meegedeeld, en de internet verbinding stopt er dan om 17.40 uur mee), presteren sommige mensen het om per maand 80 uur over te werken (ik zie ook in mijn dormitory mensen na 10 of 11 uur ’s avonds thuiskomen). Dat is erg veel, zeker gezien de treinreizen die ’s ochtends en ’s avonds nog ondernomen moeten worden, en er vaak ook nog een vrouw, kinderen thuis zijn. Door de enorme vergrijzing in Japan (snelste ter wereld) moet er steeds meer gewerkt worden om hetzelfde welvaartsniveau te behouden. Dit betekend ook dat vrouwen - die van oudsher een achtergestelde positie hebben in Japan - ook gaan werken en in leidinggevende posities terechtkomen. Bij Sharp zie ik amper vrouwen, maar laatst stond in de krant dat het percentage leidinggevende vrouwen was toegenomen van 3 à 4 procent tot 4 à 10 procent in de afgelopen drie jaar. Goed nieuws! Enig vervelende is dat de vrouwen nog steeds geacht worden om het huis schoon te maken en de kinderen op te voeden, dus dat zorgt nog voor de nodige problemen… Interessant hoe zich dat verder gaat ontwikkelen; en ook natuurlijk relevant voor Nederland - vergrijzing wordt in Nederland ook nog een issue.
Laatst was ik nog wat later dan 17.40 uur aanwezig, omdat ik nog wachtte op een simulatie - en ik vroeg mij altijd af waarom iedereen nooit direct met de zoemer wegging (wat in de pauze wel gebeurd) - dat werd duidelijk toen de baas naar huis ging. Zodra hij de deur uit was, pakte iedereen zijn spullen en liep naar buiten. Hilarisch :).

Ik en de collega die in Tokio-regio gaat werken; was ook afscheidsfeestje.
Een afgestudeerde Japanse ingenieur heeft ongeveer hetzelfde niveau als een HBO-er in Nederland is mij verteld; dus dat verklaart ook enigszins waarom mijn werk niet heel erg academisch is. Je begint hier ook echt zonder verantwoordelijkheden, en de eerste promotie is dan ook dat je manager wordt. Althans in naam, het enige wat je dan moet managen is jezelf. Ook een uitdaging! De totale bedrijfsstructuur is enorm hiearchisch; met veel managementlagen die allemaal aan elkaar dienen te gehoorzamen en rapporteren. Zo heb ik een collega die mijn ‘baas’ is, daarboven de department manager, en daarboven de department general manager (als ik mij dat goed herinner ;) - en dat voor 25 man. Als ‘lagere’ werknemer geniet je veel bescherming van de vakbond omtrent overwerk, verplichte vrije dagen, begeleidingsgesprekken, etc. - klinkt best goed geregeld - maar zodra je een soort managersniveau bereikt ben je de lul. Zoals ze zelf zeggen, wordt je dan slaaf van het bedrijf, en moet je het zelf zien te rooien. Oftewel; zorg maar dat het af is, en overwerk, tja, jouw probleem. Werk weigeren is heel erg onbeleefd… en de verhalen over bellende vrouwen ’s avonds zijn er legio :).
Mooie anekdote nog is dat de helmen die iedereen heeft voor het geval van een aardbeving (behalve ik, echter kan ik gemist worden, ben dan ook maar een stagiair) tot een paar jaar terug alleen beschikbaar waren voor de managers. Later realiseerden ze zich dat ook het ‘gewone’ personeel redelijk onmisbaar is voor het functioneren van het bedrijf, en toen kreeg iedereen een helm. Arbo dingen doen ze ook niet echt aan; daglicht is amper zichtbaar en het is vaak benauwd op de werkplek. Muziek wordt niet geluisterd; iedereen keek verbaasd toen ik deze week met koptelefoon aan het werk was - dat was heel ongebruikelijk! (Yeah, het is me gelukt om 3FM door de Great Firewall heen te toveren, dus ik kan lekker luisteren naar dronken apen, vrachtwagenchauffeurend Nederland en Giel aan het eind van de dag… Leer je nog een wat: wist je bijvoorbeeld dat het DNA van een mens en een banaan voor 60% overeenkomen? Nou? Nou? Top!).
De baas zorgt goed voor jou
Secundaire arbeidsvoorwaarden gaan in Japan verder dan in Nederland. Zo is Sharp lang niet het enige bedrijf in Japan dat goedkope huisvesting aanbied aan haar medewerkers, eigenlijk elk groot bedrijf doet dat. Veel van mijn collega’s vinden het erg prettig wonen hier, vooral omdat het betaalbaar is (ongeveer EUR 180,- per maand) en dicht bij het werk ligt. Toch beschouwen ze het niet als hun ‘thuis’, daarvoor is het te onpersoonlijk en te ver van familie en vrienden. Veel reizen dan ook in het weekend terug naar waar ze vandaan komen of gestudeerd hebben - hetgeen verklaart waarom het hier vaak uitgestorven is in het weekend.
De nadelen van de dormitory zijn bekend: curfew voor de eerstejaars (binnen zijn voor middernacht), geen vrouwen meenemen naar de kamers, niet op fietsafstand van de grote steden, niet kunnen koken, gezamelijke badkamers (of misschien voordeel: hoeft nooit schoon te maken); waardoor er een aantal voor kiezen om er buiten te gaan wonen, bijvoorbeeld in Osaka of Kyoto - in Tenri ben je nog steeds nergens. Dit zorgt ervoor dat je dan elke dag heen of weer minstens een uur aan het reizen bent in de overvolle treinen. ‘t Is maar net waar je de voorkeur aan geeft…
Naast de huisvesting kan je nog meer zaken via het werk regelen: vakanties, treinkaartjes, credit cards, bankzaken, huizen (soort van IKEA bouwpakketten), sieraden, auto’s (alle BMW modellen stonden laatst op de parkeerplaats), televisies, mobiele telefoons, bloemen: je kan het zo gek niet bedenken, in de pauze is er elke dag een soort van markt in de hal. Erg noodzakelijk voor de Japanner; waarom tijd verspillen in de pauze als je die ook nuttig kan besteden?

Eten opscheppen uit de gezamelijke pan
De sterke band die veel werknemers met het bedrijf hebben, uit zich ook in de gezamenlijke feestjes (Japans feest: dus eten en drinken), sportactiviteiten (klimmen is erg populair, het Sharp baseball team schijnt ook goed te zijn, en ik moet nog een keer als een Hollander gaan voetballen), uitgaan, etc. Zelfs veel vrouwen worden gevonden binnen het bedrijf, daarbuiten is erg lastig (tot frustraties van mijn collega’s, wegens het gebrek van vrouwen binnen het bedrijf).
Ontslagen wordt je bijna niet in Japan: óf je wordt weggepromoveerd naar een uithoek van het land (verklaart misschien waarom er zoveel ouderen in mijn dormitory wonen) óf je promoveert gewoon niet meer - en gaat stationsperrons stofzuigen of bordjes vasthouden. Je wordt volgens mij alleen ontslagen als je je baas uitscheldt, of vrouwen meeneemt naar je kamer. Geruchten gaan trouwens dat collega’s naast hun dormitory kamer een mini apparatementje huren voor de vrouwen, omdat dat effectief goedkoper is dan elke keer naar een Love Hotel te gaan (toch zo’n EUR 20,- per keer - zit ergens een optimum).
Hilarisch is ook dat er blijkbaar iemand van de trap af is gevallen - want sinds het nieuwe jaar hangen er bij elke trap bordjes dat je moet oppassen dat je niet van de trap afvalt, inclusief erg komische bijpassende pictogrammen. Dôh.
Relatie
Dit alles zorgt voor een sterke relatie tussen werkgeven en werknemer: veel Japanner hebben dan ook een baan voor het leven, van werkgever veranderen wordt als hoogst onbeleefd gezien - na alles wat zij voor je hebben gedaan. Dit gaat ook nog veel verder: als jij een misdaad pleegt of in het algemeen iets doms doet, en het haalt de krant - dan wordt naast je eigen naam, ook altijd de naam van je werkgever vermeldt. Ook bij hotelreserveringen dien je altijd de naam van je werkgever op te schrijven. Je laat het zo wel uit je hoofd om iets doms te doen…

Zonsondergang vanuit mijn appartement
Typisch in deze is dan ook dat het verboden is om zakenreizen te verlengen (bv. een kleine vakantie er aan vastplakken), omdat het bedrijf dan nog steeds verantwoordelijk voor je is. Ook mag je geen zakelijke reizen maken per auto, de baas is verantwoordelijk in geval van een ongeluk… Gelukkig is het OV en de taxi sowieso de beste en meest comfortabele manier om je te verplaatsen, maar toch is het wat vreemd naar Europese begrippen.
Duidelijk is dat de relatie tussen werk en privé hier veel intenser dan in Nederland - en ook de rest van de wereld. Ondanks dat ik geloof dat het zorgzame systeem voordelen heeft, mis ik wel het rebelse en eigenzinnige wat je in Nederland vaker ziet. Tegen je baas ingaan is hier vrij lastig - en dat lijkt me toch wel een gemis. Ook het oneindig veel overwerken en het gebrek aan privé tijd lijkt mij minder. De combinatie van wonen en werken is nu vrij relaxed; maar zal toch weer blij zijn met mijn eigen kamer - en belangrijker: gewoon weer zelf verantwoordelijk zijn voor wat je doet. Getrouwd met je werk? Liever met een vrouw… Willen ze hier ook wel naar mijn idee, alleen is er vaak niet echt een keuze :)…
PS: Ik houd nog een slag om de arm bij veel dingen of dit in heel Japan zo is, maar aangezien Sharp één van de grotere en vooruitstrevende bedrijven is en ik van veel dingen gehoord heb dat het ook ‘normaal’ is in de rest van het land, ga ik er wel vanuit.
PPS: De winnaar van de prijs ‘hoe vind ik deze site met de meest creatieve zoekwoorden’ is deze week geworden de anonieme deelnemer met de inzending ‘Japanse vrouwen scheren’ - U gaat door voor de wasmachine!
PPPS: Verhalen over het stappen in Osaka volgende week. In het kort komt het er op neer dat ik mijn sociale leven verdubbeld heb, capsule hotels een briljante uitvinding zijn en er Australiërs in Japan zijn die kerken runnen.
4 comments